Een lied kan afbreken tot een eenvoudigere textuur, misschien met de focus op percussie of een baslijn, voordat het weer opbouwt naar een climax met de volledige band. Deze momenten kunnen een gevoel van anticipatie en opwinding creëren.
Bij een breakdown valt een deel van de band weg. Wat overblijft hangt van de band en het nummer af:
Een breakdown is vaak het moment waarop de zanger met het publiek praat (muela) en het volgende coro inzet.
Daarna bouwt de band weer op naar de volle sound: instrumenten komen één voor één terug, de patronen worden dichter, en vaak volgt een gezamenlijke break (bloque of pare) vlak voor de volle band weer inzet. Presión is een typisch voorbeeld van zo'n opbouw.
Sommige breakdowns staan vast in het arrangement. Andere worden live afgeroepen: de zanger geeft in de laatste tellen van een sectie een handsignaal, en de ritmesectie wisselt samen van patroon.
Een breakdown geeft ruimte voor kleine, speelse bewegingen of shines; de build-up is het moment om energie op te sparen voor de uitbarsting als de volle band terugkomt.