Abakuá Afro-Cubaans – Dans

Abakuá is een Afro-Cubaans geheim genootschap van mannen. Het ontstond rond 1820 onder tot slaaf gemaakten uit Calabar (de Carabalí, in het huidige Nigeria); vanaf 1836 breidden de potencias zich vanuit Regla over Cuba uit. De ceremonies, trommels en gemaskerde íreme-dansers hebben de Cubaanse muziek sterk beïnvloed, vooral de rumba.

Het genootschap

  • Herkomst: Abakuá komt grotendeels voort uit het Ékpè-genootschap van de Ejagham en Efik uit het Cross River-gebied (Zuidoost-Nigeria en Zuidwest-Kameroen). In de Britse koloniën in het Caribisch gebied heetten de leden "luipaardmannen"; het woord ekwe betekent "luipaard".
  • Alleen voor mannen: volgens EcuRed worden alleen heteroseksuele mannen toegelaten. De leden heten abakuás of ñáñigos.
  • Potencias: er zijn 123 potencias of juegos in heel Cuba, met tempels in Havana en Matanzas.
  • De íreme: de íreme of diablito is de gemaskerde danser die de voorouders voorstelt; zie Íreme.
  • De stem van de ekué: het heilige geluid van het genootschap is de stem van de trommel ekué.

Invloed op muziek en taal

  • Rumba: de rumba bouwt volgens Wikipedia onder meer voort op Abakuá-tradities. De columbia ontstond in en rond Unión de Reyes (Matanzas), op plekken die in handen waren van Abakuá-potencias.
  • Clave: de driedelige rumbaclave, die in de columbia klinkt, gaat terug op de partij van de ijzeren bel ekón van de Abakuá.
  • Populaire muziek: onderzoekers vinden Abakuá-invloed in vrijwel elk genre van de Cubaanse populaire muziek. Zie ook het ritme brikamo.
  • Taal: het straatwoord asere ("maat", zoals in ¿Qué bola, asere?) komt van een Abakuá-groet en raakte eind jaren 1980 algemeen in gebruik.

📝 Bronnen